Als voltijds werken te zwaar wordt…
Vermoeidheid, concentratieproblemen en een verminderd uithoudingsvermogen zijn veelvoorkomende klachten bij mensen met een ITP-aandoening. Op een bepaald moment kan dat ertoe leiden dat voltijds werken niet langer haalbaar is. Minder gaan werken kan dan een oplossing lijken, maar het is belangrijk goed te begrijpen wat de gevolgen zijn — zowel financieel als administratief.
Medisch deeltijds werken in de privésector
Voor werknemers in de privésector (arbeiders en bedienden) geldt dat je enkel om medische redenen minder mag werken wanneer je eerst volledig arbeidsongeschikt bent verklaard door je arts. Dat lijkt misschien wat tegenstrijdig, maar het is nodig omdat je officieel moet worden erkend als tijdelijk volledig arbeidsongeschikt voordat een traject van re-integratie of werkhervatting op maat kan worden opgestart.
Tijdens die periode ontvang je ziekte-uitkeringen (na de fase van gewaarborgd loon door je werkgever). Vervolgens kan je, in overleg met je behandelend arts, de adviserend arts van de mutualiteit, de arbeidsgeneesheer en je werkgever, geleidelijk terugkeren naar werk op een aangepast ritme of met minder uren.
Wanneer dat traject goedgekeurd wordt, behoud je je oorspronkelijke arbeidscontract. Je krijgt dan een deeltijds loon aangevuld met een gedeeltelijke ziekte-uitkering. Dat is belangrijk, want mocht je later opnieuw volledig arbeidsongeschikt worden (door je MPN of een andere aandoening), dan blijft je uitkering berekend op basis van je oorspronkelijke voltijdse contract. Ook voor je pensioenrechten heeft dit een gunstig effect.
Vrijwillig minder werken
Wil je uit eigen initiatief minder gaan werken, zonder medische procedure, dan gelden andere regels. Je wordt dan beschouwd als een vrijwillig deeltijdse werknemer. In dat geval ontvang je bij ziekte of werkloosheid uitkeringen die slechts berekend worden op je deeltijdse loon, en ook je pensioen zal lager liggen.
Het is dus belangrijk om niet zomaar uren in te leveren zonder goed advies. Wat op korte termijn haalbaar lijkt, kan op langere termijn financiële gevolgen hebben.
Wat kun je doen?
- Bespreek tijdig je situatie met je arts, de adviserend arts van je mutualiteit en eventueel je vakbond.
- Vraag een simulatie van je toekomstig inkomen en pensioen, rekening houdend met je gezinssituatie.
- Overweeg een re-integratietraject via je werkgever in plaats van vrijwillige deeltijdse arbeid.
- Ben je het niet eens met een beslissing van de mutualiteit, arbeidsgeneesheer of werkgever? Dan kun je — met steun van je behandelend arts — beroep aantekenen bij de arbeidsrechtbank.
Tot slot
Neem geen overhaaste beslissingen. Minder gaan werken is een ingrijpende stap, zowel praktisch als financieel. Laat je goed informeren en begeleid door betrouwbare instanties zoals je mutualiteit, vakbond of patiëntenorganisatie.
Meer informatie vind je onder andere bij:
